Blog

  • Blogs van Marcellino
    Deze blogs staan ook op onze facebookpagina, daar kun je reageren: www.facebook.com/metzorg.

    Augustus 2016

    Aardig gevonden worden

    hartje2Vroeger werd ik, als ik op feestjes vertelde wat ik voor werk deed, steevast door iedereen op mijn schouders geklopt. In koor riepen ze dan: ‘Dat jij dat kunt!’ Want er was respect voor het beroep van verzorgende en verpleegkundige, je werd er om gewaardeerd.

    En dat is nog steeds zo, dat merk ik ook in de discussies van de laatste maanden over de kwaliteit van zorg, dat als deze uit de bocht dreigen te vliegen er heel expliciet waardering wordt uitgesproken voor de mensen aan het bed: ‘De verpleging kan daar niets aan doen, die bedoelt het juist goed, die holt de hele dag.’ Het is natuurlijk fijn dat tijdens heftige discussies over misstanden in de zorg  patiënten en familie zien dat verzorgenden en verplegenden ondanks de werkdruk  met heel veel toewijding hun werk blijven doen. Dat zij nooit de patiënt in de steek laten, met die ‘passie voor het vak’ van hen.

    Want zo zijn verpleegkundigen en verzorgenden: als een verpleegkundige bij de kassa van een supermarkt een man laat voorgaan omdat die alleen maar een rolletje drop hoeft af te rekenen en als deze man dan de miljoenste klant blijkt te zijn en naar huis gaat met een geheel verzorgde reis naar de Caraïben, dan is de verpleegkundige gegarandeerd de eerste die hem feliciteert. En als een zwerver het portiek annexeert van een huis van een verzorgende, dan durf ik er wat om te verwedden, dat binnen een week de zwerver in het huis woont en de verzorgende in het portiek is gaan liggen. Ze zijn gewoon écht heel erg aardig.

    Toch denk ik dat dat meebewegen, het buigen en niet barsten, bestuurders in de kaart kan spelen.

    Want nu veel ouderen door wanbeleid de huishoudelijke zorg thuis moeten missen, blijken nogal wat wijkverpleegkundigen/verzorgenden dat er maar even bij te doen. Dus na een wondbehandeling, het geven van insuline en een gesprekje worden even de ramen gezeemd, wordt even de stofzuiger gepakt, even een wasje gedraaid en even de keuken gedweild. Waarna hun managers opgewonden vaststellen dat ze daar kennelijk tijd voor over hadden. Maar dat ze dat in hun vrije tijd doen wordt er niet bij vermeld. Echt heel aardig. Maar niet zo handig.

    In veel verpleeghuizen wordt al jaren meer met minder gedaan. De verzorgenden daar zijn al die jaren uit liefde voor het vak doorgegaan. Ook heel aardig. Maar niet zo handig, want nu een aantal verpleeghuizen onder regie van geldgraaiende directeuren op de zwarte lijst zijn beland, worden ze verwijtend toegesproken en in de steek gelaten.

    In een aantal ziekenhuizen werd tijdens de vakantieperiode een groot aantal bedden gesloten vanwege onderbezetting. Dat is heel negatief voor de productiecijfers, dat zul je begrijpen. Dus werden er alsnog gewoon bedden gevuld. En die verpleegkundigen die niet met vakantie waren en de turbo er maar weer eens op zetten? Die zeiden niets. Dat is heel erg aardig, maar niet zo verstandig van ze. Want iedereen weet dat de kans op het maken van fouten hierdoor vergroot wordt.

    Door de toenemende complexiteit van zorg in verpleeghuizen blijken veel verzorgenden onvoldoende te zijn toegerust. De directies reageerden heel verbaasd op dit feit. Maar het moeten kilo’s smeltende boter op hun hoofd zijn geweest, die hun het zicht op de werkelijkheid ontnam. Want in de meeste instellingen is en wordt structureel niet geïnvesteerd in scholing. Verpleegkundigen en verzorgenden willen zich maar al te graag bijscholen, maar er blijken geen geoormerkte budgetten voor scholing aanwezig te zijn. En scholing afdwingen, dat blijkt lastig voor iemand die aardig gevonden wil worden.

    Dus, aardige  verpleegkundigen en verzorgenden, word nou toch eens boos. Daarmee draag je namelijk ook bij aan de kwaliteit van zorg. Durf eens nee te zeggen, ga met je hakken in het zand en met je kop in de wind, uit liefde voor je vak!

    _________

    September 2015

    Het Fisherman’s Friend-effect

    sterk spulHuilprofessor Ad Vingerhoets heeft onderzoek gedaan naar huilen door verpleegkundigen (http://wqd.nl/izzxG). (Voor de goede orde: huilen is een typisch menselijk verschijnsel waarbij het lichaam tranen produceert, meestal door verdriet, pijn, onmacht, grote vreugde of ontroering). Deze beroepsgroep bestaat voor 90 procent uit vrouwen. Uit eerder onderzoek bleek al dat zij 20 à 50 keer per jaar huilen (en de mannen 5 à 20 keer per jaar).

    Het moet toch vaak leiden tot wateroverlast al dat grienen en janken, denk je dan, logisch, want in de zorg heb je dagelijks te maken met ellende. Maar wat blijkt uit het onderzoek van Vingerhoets? In deze tranentrekkende werkomgeving is huilen niet geaccepteerd! Veel verpleegkundigen vinden huilen een teken van zwakte of ziekte. Het is not done, als er al gehuild wordt, gebeurt dat bij voorkeur op het toilet, op de fiets of in de auto naar huis, op het werk worden de tranen weggemoffeld: het bekende Fisherman’s Friend-effect.

    Terwijl het verdriet je toch onverwachts frontaal kan raken? De plotselinge dood van de patiënt die op je moeder lijkt, het jongetje dat in je armen sterft, de mislukte reanimatie van die jonge vrouw. Als je dan zou toegeven aan je “huildrempel” (mooie term van Vingerhoets) en je emoties zou uiten, dan lok je daarmee bijstand, steun en troost uit. Een onhoudbare, biggelende traan is een sterk, niet te verbergen signaal waardoor je vanzelf een troostende arm om je heen krijgt.

    En als je als verpleegkundige aan het bed staat met vochtige ogen wordt dat door de patiënt als positief en betrokken ervaren, zo blijkt uit het onderzoek. Het lijkt mij trouwens wel beter dat jij niet harder huilt dan de patiënt bij een slechtnieuwsgesprek, en huilend iemand wegbrengen naar een OK lijkt me ook niet op z’n plaats.

    Kortom, dat huilen op het werk taboe is, is om te huilen, wat doen we daaraan? Ik laat het er in ieder geval niet bij zitten. Ik richt vandaag nog het platform “de laatste druppel” op, bestaande uit een select groepje huilebalken uit de zorg. We doen een oproep om op elke eerste maandag van de maand om 12.00 uur, als de sirene gaat, samen te scholen en collectief te gaan huilen. Daarnaast zal het platform een huil-app ontwikkelen, die kan controleren of jouw afdeling de huil-quote haalt. Zorginstellingen wordt opgeroepen om naast het stiltecentrum een huilcentrum in te richten, met uiteraard een schilderij met een huilend jongetje aan de muur, waar doorlopend huilfilms vertoond en smartlappen gedraaid worden. We vragen een tissue-fabrikant het project te sponsoren. Zien huilen doet huilen is het adagium, huilen moet als normaal beschouwd worden, en niet als een zwaktebod.

    Samen huilen is gezond. En zeker weten dat je na een huilsessie de zorgwereld weer aan kan.
    Huilen, sterk spul he!?

    _________

    December 2014

    Heel verpleegkundig Nederland bakt

    c220x145_a15141_Frituren Aardappelen 02Begin november werd Nederland opgeschrikt door de urine-enkels van de moeder van staatssecretaris Van Rijn, die hiermee behoorlijk nat ging op zijn beleid. Je zou toch denken dat er vanuit de beroepsgroep zélf een krachtig signaal zou komen nu de bezuinigingen de patiëntenzorg diep raken. Maar nee, het was de 82 jarige Ben Oude Nijhuis, wiens vrouw in dezelfde zorginstelling verblijft als de moeder van de staatssecretaris, die in het tv-programma Pauw korte metten maakte met de staatssecretaris. Van Rijn bleef maar herhalen dat de tekortschietende zorg hem had geïnspireerd de politiek in te gaan. Het klonk steeds holler. Helaas is mijn held Ben Oude Nijhuis onlangs plotseling overleden. Wie neemt het nu nog op voor de patiënt, vraag ik me af. Want wat is er toch met onze collega-zorgverleners aan de hand? Begin november berichtte de krant dat een medewerker van het Isala-ziekenhuis was geschorst omdat hij in een operatiekamer patat had gebakken. Op de deur van de operatiekamer hing hij een briefje met de tekst ‘pas op, ebola’. Hoe haal je het in je hoofd om zoiets te doen? Het zal toch geen verpleegkundige geweest zijn? Gekwalificeerd zorgpersoneel doet zoiets toch zeker niet?

    Zwarte lijst
    Het werd nog gekker, het 8-uurjournaal ronkte er eind november van: 1 procent van de zorgverleners steelt van patiënten. 50.000 patiënten worden jaarlijks het slachtoffer! Eerst dacht ik: waar zijn die cijfers op gebaseerd? Dit kan toch niet waar zijn? Maar ook al zou het flink overdreven zijn, elke diefstal is er 1 teveel. Kwetsbare ouderen die met hun handtas onder het kussen en hun portemonnee in hun onderbroek slapen, omdat ze bang zijn bestolen te worden, het is ongehoord. Om jattende collega’s te ontmaskeren worden er steeds meer oma-kastjes ingezet, een soort flitspaal die het stelen filmt. Het signalement van jouw stelende collega is: iemand die al heel lang in dezelfde instelling werkt, nooit opvalt, nooit ruzie zoekt en hard werkt. En haar of zijn buit bestaat uit wisselgeld, sigaretten, stoomstrijkijzers, precisie-uurwerken, zijden japonnen en parelsnoeren. Werkgevers gaan nu gebruikmaken van een zwarte lijst; een waarschuwingsregister zodat werkgevers elkaar kunnen inlichten over zorgmedewerkers en zorgvrijwilligers die cliënten bestelen of mishandelen, om te voorkomen dat ze na ontslagen te zijn vrolijk bij de buren aan de slag kunnen.

    Nog schokkender
    Ik maak me echt zorgen, en verwacht elke dag schokkender nieuws. Bijvoorbeeld dat
    –        er alcohol wordt gestookt in een laboratorium waar doorgaans de bloedwaarden bepaald worden, en dat een select gezelschap daar elke vrijdagmiddag het weekend mee in schijnt te luiden;
    –        op een afdeling urologie een fontein gemaakt is van po’s, urinalen, gevlochten katheters en urinezakjes, en dat dat een enorme wateroverlast veroorzaakte. En dat later bleek dat er helemaal geen schade in het ondergelegen magazijn was, maar dat de jaarvoorraad goed absorberend luiers en urinematjes als verloren moest worden beschouwd.
    –        op een afdeling cardiologie verpleegkundigen op de monitors van de hartbewaking een game geïnstalleerd hebben;
    –        er een kookworkshop in een obductieruimte werd gehouden, dat er een hennepkwekerij is aangetroffen in een ziekenhuisapotheek en er bbq’s worden georganiseerd in de spoelkeuken van de afdeling longziekten…

    IKEA
    Chief Nursing Officer Marieke Schuurmans waarschuwde er van de week voor: de zorg mag niet te veel op de IKEA gaan lijken. Ze doelde daarbij op verpleegkundigen die te ver doorschieten in het stimuleren van zelfmanagement, dat wil zeggen de patiënt een pakket zorg bieden en vervolgens weglopen. Ik vond dat een mooie vergelijking en borduur er op voort: een professionele verpleegkundige is in bezit van een inbussleutel en een handleiding, heeft geen tijd voor normoverschrijdend gedrag en komt op voor de patiënt. Een professionele verpleegkundige bakt ze elke dag pas echt bruin!!

    Wil je reageren? Dat kan op onze facebookpagina: www.facebook.com/metzorg

    __________________________

    September 2014

    Onthullend

    kop koffie

    Vreselijk hè, die collega’s die elk jaar weer in de koffiekamer vertellen dat ze een geweldige vakantie hebben gehad. Terwijl het in mijn beleving de hele zomer onophoudelijk heeft geregend in nagenoeg heel Europa, hebben zij van een perfecte, zonovergoten vakantie genoten.

    Tijdens de koffiepauze gaan ze de strijd aan over wie de leukste vakantie heeft gehad, ondersteund door foto’s die zo uit een reisgids geplukt zouden kunnen zijn, alsof er een groothoeklens op hun mobieltje zat. Het kan niet anders of ze hebben pal met hun rug tegen de muur van het hotelkamertje of in de verste hoek van hun tent gestaan. De foto’s die ze op het strand gemaakt hebben, zijn alleen close ups, omdat er anders honderden vreemde strandgasten op gestaan zouden hebben. Heel geduldig bekijk ik alle foto’s op het mobieltje van een van mijn collega’s, mijn opmerking: “Wat fijn dat jouw telefoon zo’n grote opslagcapaciteit heeft” komt niet aan.
    We schijnen alleen positieve vakantieherinneringen op te slaan, omdat we geen foto’s maken van negatieve ervaringen op vakantie. Dus elke keer dat je die zonovergoten foto’s bekijkt of collega’s vertellen over die mooie camping, komen die beelden, geuren en indrukken steviger in het geheugen te zitten. En die eindeloze file of andere vakantie-ellende? Daarvan heb je geen foto’s gemaakt. Van die verregende dagen evenmin. Dus die vervagen. Bovendien zijn de reisgenoten van je collega’s er niet bij om de te mooie verhalen te corrigeren.

    Eigenlijk vind ik de verhalen over wat er allemaal mis is gegaan tijdens vakanties veel leuker.

    Zo word ik altijd geteisterd door buikloop in combinatie met geen of bezette toiletten. Kon ik na te veel Franse pastis de tent niet terug vinden op die bij nader inzien toch wel erg grote camping. Heb ik een keer na te lang ’s nachts doorrijden besloten om de tent toch maar op te zetten op een camping waar de caravans erg ongezellig hutje mutje stonden. Waarna we ‘s morgens niet door de campingbeheerder gewekt werden, maar door de eigenaar van een caravangroothandel die al zijn occasions op een grasveld voor zijn zaak had gestald. Kan ik ook met het boekje Hoe & Wat in het Frans feilloos een verkeerd gerecht bestellen. Ben ik een keer in een file ongeduldig uit de auto gestapt om te kijken hoe lang hij was, waarna hij zich uiteraard ineens in beweging zette, ik terug rende naar mijn auto, er in sprong, mijn gordel vastmaakte en vervolgens een Spaanse man met drie kinderen op de achterbank verbaasd naar mij zag kijken. Beland ik uiteraard altijd bij het verkeerde poortje op de tolweg. Kwam ik, na eindeloos verdwalen en zoeken naar die ene camping, waarbij de spanning zo hoog opliep dat we uiteindelijk met beslagen autoramen in het donker aankwamen, er achter dat ik de tentstokken thuis had laten liggen. Bleek het mooie chalet aan het water uit de folder een aan een open riool liggend te klein tuinhuisje met twee stapelbedden te zijn. Zocht ik op een nacht in het donker hongerig naar het stokbrood en de brie, kon de brie niet vinden, nam genoegen met het stokbrood en ontdekte de volgende ochtend dat de brie vol met maden zat. Had ik op een camping een Belgische buurman die zich de hele week aan ons opdrong door elke keer met zijn hoofd over ons windscherm allerlei tips te geven waar we niet op zaten te wachten. Voor vertrek controleerde ik de rem- en knipperlichten van onze vouwwagen, wilde vol gas geven, eindelijk verlost van de buurman, toen hij op mijn autoraampje klopte en zei: “Uw vouwwagen zit niet aan de trekhaak vast”.

    Enfin, we moeten nu toch echt weer aan de slag. Maar niet nadat ik je nog even het recente, opmerkelijke nieuws gerelateerd aan de zorg presenteer:

    1. Thuiszorgverpleegkundigen worden in twee segmenten geknipt. Wat een onzalig tekentafelplan. Het lijkt op dat plan voor een nieuw verkeersplein, waarbij de dienstdoende ambtenaren weigerden een verkeerskundige in te schakelen, waardoor het nu het onveiligste verkeersplein van de stad is.

    2. Onderwijzers uit het basisonderwijs krijgen € 500,- per jaar en 2 uur per week om te besteden aan bij- en nascholing, leraren uit het voortgezet onderwijs krijgen €600,- per jaar en 5% studietijd van het aantal uren dat ze werken. Verpleegkundigen krijgen € 0,25 per jaar en laten zich bijscholen in hun vrije tijd, de niet geoormerkte scholingsgelden worden aan heel andere doeleinden besteed.

    3. Verpleegkundigen met een neurotische persoonlijkheid hebben 5 keer meer kans op een burn-out. Ik vraag me daarbij af waar ze neurotisch van geworden zijn. Is dat niet gewoon veroorzaakt door de stress op het werk?

    4. Er zijn naaktfoto’s van beroemdheden uitgelekt via i-Cloud. Ik ga nu snel op zoek naar onthullende foto’s van een collega. Van een regenachtige, mislukte vakantie die ze me niet heeft willen laten zien.

    Werk ze!

    Wil je reageren? Dat kan op onze facebookpagina: www.facebook.com/metzorg

    __________________

    Juli 2014

    Niet (te) filmen

    21-6-2013-9-55-handen_wassen_hygiene-480 (1)
    In 2008 was ik betrokken bij een onderzoek naar handhygiëne van verpleegkundigen. De uitkomsten van het onderzoek waren onthutsend, 40% van de verpleegkundigen bleek een slechte handhygiëne te hebben. Een krant kopte: “Verpleegkundigen zijn vies!”, wat natuurlijk veel te kort door de bocht was.

    Maar onlangs was ik dagvoorzitter op een congres, waar studenten de deelnemers na elk toiletbezoek opvingen en hun handen in een doos met uv-licht stopten. Ook ik moest eraan geloven en hoewel ik voorkennis had en mijn handen dus uitgebreid had gewassen, schrok ik me rot: ik had het niet goed genoeg gedaan.

    Thuis gekomen pakte ik de richtlijn Persoonlijke hygiëne medewerkers in het ziekenhuis er maar eens bij. Wat was ik vergeten?

    Mijn nagels mogen niet langer zijn dan 2 millimeter, anders kan het een gezellige woonplaats voor de staphylococcus worden. Nagellak en kunstnagels zijn uit den boze.
    Ik dien mijn baard en/of snor kort getrimd te hebben en moet zo min mogelijk aan mijn haar, mond, ogen of neus zitten.
    Mijn persoonlijke bezittingen zoals portemonnee, mobiel en sleutels kunnen makkelijk gecontamineerd worden met micro-organisme, en mogen dus niet mee de werkvloer op.
    Als ik iets onder mijn uniform draag moet het bedekkend zijn, ik moet mijn armen uit korte mouwen steken, en mijn lekkere warme vest kan ik naar de kleding-inzameling brengen.
    Als ik een hoofddoek zou dragen, dan zou ik elke dag een schone moeten pakken.
    Ik moet extra aandacht besteden aan mijn hoesten en snuiten, die bonte boerenzakdoek kan echt niet.
    Ik moet alle piercings en oorbellen verwijderen, en eventuele ontstoken gaatjes afdekken met niet-vochtdoorlatende pleisters.
    Mijn leidinggevende moet het weten als ik een steenpuist, nagelbedontsteking, aanhoudende diarree, waterpokken of gordelroos heb.
    En ik moet uiteraard na hoesten, niezen, snuiten en/of toiletbezoek op de voorgeschreven manier mijn handen wassen.

    Dit klinkt allemaal best overdreven. Maar in de Nederlandse ziekenhuizen lopen 70.000 mensen per jaar een infectie op, en overlijden er minstens 1000. Zorgprofessionals die zich niet aan de regels houden, met als direct gevolg een ziekenhuisinfectie waaraan iemand overlijdt, zijn dus eigenlijk misdadigers. Nu is het zo dat de overheid iedereen die getuige is van een misdaad oproept dit te filmen of te fotograferen. Maar cameratoezicht op het werk is juridisch omstreden, en zodra je personeel wilt filmen, heb je toestemming nodig van de ondernemingsraad.

    En dat was het Catharina ziekenhuis in Eindhoven even vergeten toen ze het personeel stiekem ging filmen om aan te tonen dat lang niet iedereen zich aan de hygiëneregels hield. Andere methoden hadden namelijk gefaald, zo zei de Raad van Bestuur. Jammer dat de Raad van Bestuur het onderzoek uit 2013 van Anita Huis van het Radboudumc niet bestudeerd had. Daaruit blijkt namelijk dat de handhygiëne sterk verbetert door goed leiderschap. Dat het Catharina ziekenhuis aandacht wil voor het probleem is terecht. Maar de manier waarop is verre van hygiënisch, niet te filmen en een staaltje van slecht leiderschap.

    Wil je reageren? Dat kan op onze facebookpagina: www.facebook.com/metzorg

    ____________________

    April 2014
    Niet-pluisgevoel

    paardenbloemUitgerekend op 1 april kwam het Radboudumc met een nieuw plan: ze gaan een kinderalarmsysteem invoeren, wat inhoudt dat er naar ouders van zieke kinderen geluisterd moet worden. En als die aangeven dat er iets niet pluis is, moeten de artsen en verpleegkundigen alarm slaan, ook als zij zelf denken dat er niks aan de hand is. Uit onderzoek bleek namelijk dat de ouders vaak gelijk hebben. Dat is opmerkelijk nieuws, luisteren naar ouders van zieke kinderen levert wat op!

    Ik heb ook zo’n plan: vanaf morgen krijgen verpleegkundigen tien minuten extra tijd om naar hun patiënten te luisteren. Wat zou dat opleveren? Pure winst! Ik denk aan minder pijnstillende middelen, minder verkeerde diagnoses, minder angst, meer vertrouwen…

    We hebben er genoeg van dat verpleegkundigen geen oogcontact met de patiënt meer kunnen maken vanwege de oprukkende digitale, koude zorg. We herwaarderen het ambachtelijke verplegen, met empathie als belangrijkste sensor. Ja, juist nu gaan we dat doen, in een tijd waarin de overgeprotocolleerde zorg schreeuwt om een richtlijn ‘Hoe om te gaan met het woud aan richtlijnen’. Een protocol is een geheel van voorschriften en regels en bestaat uit richtlijnen, lijstjes en schema’s. Maar het is meer een bijsluiter van de onmacht geworden, waarmee we onveiligheid en onzekerheid bezweren. Ten onrechte, want protocollen zijn niet bedoeld als vervanging voor bewust nadenken en praten met patiënten over hun behoeften.

    Uit onderzoek blijkt dat beginnende verpleegkundigen vaak terugvallen op protocollen, omdat ze houvast bieden. Logisch, een nieuweling ontbeert de kennis en ervaring om te weten wanneer zij of hij van een protocol af moet wijken. Het is alleen niet de bedoeling dat ze dat blijven doen, want ondanks de toenemende medisch-technologische ontwikkelingen is de klinische observatie van de verpleegkundige essentieel voor een goede behandeling van de patiënt. Het is een kerncompetentie: niet blind varen op protocollen en richtlijnen en op uitslagen van ondersteunende apparaten. Het is iets wat je door ervaring opdoet: het niet-pluisgevoel als belangrijk diagnostisch instrument. Ik heb het over het spontaan opkomend, alarmerend gevoel van alertheid.

    Dus na het invoeren van tien minuten extra tijd, gaan we nog een stap verder: we gaan meer vertrouwen op de intuïtie van de verpleegkundige. Daar krijg ik een pluisgevoel bij.

    Wil je reageren? Dat kan op onze facebookpagina: www.facebook.com/metzorg

    __________________

    Maart 2014
    Afschaffen ORT en invoeren 12-uursdienst een zegen voor verpleging

    Wat een geweldige doorbraak, we gaan de 12-uursdienst invoeren! Althans, als het aan de NVZ ligt, die heeft dit ingebracht als voorstel voor de komende onderhandelingen voor een nieuwe cao in de ziekenhuizen. Wat goed dat ze de ontwikkelingen in Verenigde Staten volgen, daar komt sowieso baanbrekend denkwerk vandaan.

    Neem het maar van me aan, de invoering is een zegen. Als je namelijk je 36-(v)urige werkweek in drie dagen propt, is het werken zo voorbij en hou je 4 vrije dagen per week over. Of je neemt er een tweede baan bij. Als vervolgens ook nog de Onregelmatigheidstoeslag wordt afgeschaft zie ik nog meer mogelijkheden. Dat maakt namelijk de weg vrij voor het invoeren van de slaapdiensten, na een 12-urige werkdag blijf je gewoon slapen in je ziekenhuis. En als je daar dan weer een 12-uursdienst aan vastplakt, ben je nog korter van huis.

    Je kunt kiezen voor het slapen bij een terminale patiënt, dan krijg je een zogenaamde palliatieve toelage. Maar je kunt ook kiezen voor alleen het meelopen met de nachtrondes, je wordt gewekt en kunt daarna gewoon weer doorslapen, dan krijg je een kleinere incontinentietoelage. Of je kiest voor het slapen met een (leuke) collega en wordt dan alleen gewekt bij calamiteiten, hier krijg je dan weer een teambuildingstoelage voor.

    Overigens is het niet toevallig dat de start van de cao-onderhandelingen zo ongeveer samenvalt met de publicatie van de sterftecijfers van de ziekenhuizen. Altijd goed om te weten wat voor sterfhuisconstructie jouw ziekenhuis heeft, volgens deskundigen kun je aan het aantal doden de kwaliteit van zorg aflezen. Vlak voordat de sterftecijfers bekend werden, werd er een viertal onderzoeken gepresenteerd, die ook een inspiratiebron zijn geweest voor de komende cao-onderhandelingen.

    Onderzoek 1. In de Verenigde Staten bleek uit onderzoek door artsen dat van slechts 40 procent van de behandelingen kan worden aangetoond dat ze zinvol zijn.
    Onderzoek 2. Uit onderzoek in negen Europese ziekenhuizen blijkt dat hoe meer verpleegkundigen er werken en hoe hoger opgeleid ze zijn, hoe minder patiënten er sterven. Het verschil is 7% met de ziekenhuizen met minder en lager opgeleide verpleegkundigen.
    Onderzoek 3. Uit het promotieonderzoek van drs. Kees Nachtegaal uit Puiflijk blijkt dat hoe minder artsen er aanwezig zijn in een ziekenhuis, hoe minder doden er vallen. Het niet komen opdagen van artsen of te laat komen blijkt vooral sterfgevallen te voorkómen.
    Onderzoek 4. Opzienbarend onderzoek was er van een onderzoeksbureau uit Dodewaard, daaruit bleek dat als er minder patiënten worden opgenomen in ziekenhuizen, er minder patiënten overlijden.

    De insteek bij de cao-onderhandelingen zal dus waarschijnlijk zijn: alleen verpleegkundigen in dienst, artsen alleen op afroep beschikbaar, en zo min mogelijk patiënten. En alleen dan is de afschaffing van de ORT en het invoeren van de 12-uursdienst en slaapdiensten wellicht een optie.

    Alhoewel, bij een lage organisatiegraad en geringe actiebereidheid weet je het maar nooit.

    Wil je reageren? Dat kan op onze facebookpagina: www.facebook.com/metzorg

    _____________________

    Februari 2014
    Fuck Florence

    fuck florence“Fuck Florence”, dat stond op het meest omstreden spandoek van het jaar 1989. Het leidde zelfs tot een boze ingezonden brief in de Volkskrant van prinses Margriet. Mijn persoonlijke favoriet was een spandoek waarop, nadat er vele demonstraties en actiebijeenkomsten hadden plaatsgevonden, stond: “De lakens zijn bijna op”. Ik hoor je denken: “Waar gaat dit in hemelsnaam over?” Wel, deze maand is het 25 jaar geleden dat de onvrede onder verpleegkundigen en verzorgenden de koffiekamers en spoelkeukens uitknalde.

    In 1988 was de politie aan het actievoeren voor meer loon. Op 18 november 1988 plaatste verpleegkundige Gaby Breuer een miniadvertentie in de Volkskrant: “Agenten verdienen weinig, verpleegkundigen nog minder. De tijd is rijp voor actie”. Ze zette haar telefoonnummer erbij. Twee dagen en vele telefoontjes (waaronder die van mij) later was de VIO (Verpleegkundigen In Opstand) een feit.

    Overmoedig huurden we op 11 februari 1989 een zaal in de Jaarbeurs in Utrecht voor de eerste actiebijeenkomst. Er konden er 1000 in, vol trots zagen we m vollopen. Toen kwam er een paniekerige agent op ons af: ruim 5000 verpleegkundigen en verzorgenden stonden nog buiten, die wilden ook naar binnen. Er volgde een geïmproviseerde demonstratieve tocht door Utrecht.

    We werden op slag wereldnieuws in Nederland. En helemaal nadat een stofhoestende vakbondsleider in het NOS-journaal een looneis bekendmaakte van 1,5%. De VVIO (de tweede V, voor verzorgenden, was er inmiddels aan toegevoegd) stelde vast dat de verpleging en verzorging 12% achterliep op vergelijkbare beroepen, en eiste 5%.

    De VVIO bleek de lont in een kruitvat, en het waren niet langer de vakbonden die bepaalden hoe en wanneer er actie gevoerd werd, dat deden de verpleegkundigen en verzorgenden zelf. Zo werd er een Kamerlid een dag lang gefixeerd in een huiskamer in een verpleeghuis, werd er in plaats van in het wit in het zwart gewerkt, werden er kruispunten bezet met behulp van bedden. Er was een niet-meer-meedenken-met-de-arts-dag, er werden bakstenen opgestuurd naar het antwoordnummer van de werkgeversorganisatie, twee verpleegkundigen gingen zij aan zij heel langzaam rijden op de snelweg. Toen de acties de instellingen binnen drongen, reageerden de werkgevers en politici geschokt: de patiëntenzorg was nu in gevaar, dit vonden ze niet meer grappig. Maar de VVIO liet haar spierballen zien en reageerde: als er niets verandert, dan pas komt de patiëntenzorg werkelijk in gevaar.

    Actievoeren, dát was soms niet zonder gevaar. Met name tijdens het bezetten van kruispunten kregen we last van oververhitte automobilisten die aanstalten maakten om op onze demonstratie in te rijden. Een beproefd recept was dan naar de betreffende automobilist toe te lopen, en hem te zeggen: “Ik ben heel goed in gezichten onthouden en de kans dat jij ooit wordt opgenomen in een ziekenhuis is best groot, lijkt me leuk om je daar te ontmoeten.” Met een pijnlijk lachje bonden ze dan stuk voor stuk in. Er werd een kort geding aangespannen tegen de VVIO door de KNAC en de Patiëntenfederatie, de binnenlandse veiligheidsdienst luisterde telefoons af bij een aantal VVIO-mensen en onderschepte hun post.

    Er kwam een in scène gezette afsplitsing van de VVIO: de BRIO (de Buitengewone Radicalen In Opstand) die dreigde grote verkeersaders te gaan bezetten. Dat leverde meer politie dan demonstranten op. Er kwam geen blokkade, wel werd er gezellig met de politie koffie gedronken. Het oprichten van een politieke one-issuepartij werd overwogen en een 06 lijn (soort sekslijn van 1 gulden per minuut) waarnaar ’s nachts vanuit ziekenhuizen gebeld kon worden met opwindend VVIO-nieuws ging bijna de lucht in.

    Ondertussen konden de media er geen genoeg van krijgen. De Witte Woede golfde over Nederland. Met het goede verhaal, een looneis van 5% en de vraag om erkenning wist de VVIO de sympathie van het Nederlandse publiek te winnen. Op het hoogtepunt van de acties stonden er 60.000 verpleegkundigen en verzorgenden op het Binnenhof. En de ingedutte vakbonden werden links en rechts ingehaald, ze waren het contact met hun achterban totaal verloren.

    De acties leidden tot een beter cao-akkoord dan ooit te voren. Bovendien installeerde de regering naar aanleiding van de protesten de commissie-Werner, die met aanbevelingen kwam ter verbetering van de positie, de arbeidsomstandigheden en de opleidingen (waar onder andere V&VN uit voortgekomen is).

    Ja, we waren creatief en slagvaardig. Ondanks het feit dat we geïntimideerd werden door werkgevers, vakbonden en zelfs de BVD, kon niemand om ons heen. Het is deze geschiedenis die ik met jullie wil delen, waarop ik trots ben en blij dat ik er deel van uitmaakte. Want als je erop googlet kom je niet verder dan een a4’tje bij het vakbondsmuseum en het Florence Nightingale Instituut. Alsof er niets gebeurd is. Alsof de zusters en broeders geen macht hadden en hebben. We zongen eind jaren 80, begin jaren 90 tijdens demonstraties “Wij zijn geen nonnen meer” en er was een spandoek met “Fuck Florence” om af te rekenen met ons vak uit roeping, af te rekenen met het ‘liefdewerk, oud papier’. Wij wilden gewoon betaald worden als iedere andere professional en eigenaar zijn van ons beroep.

    Vraag het morgen maar eens aan die wat oudere collega: “Zeg, wat deed jij eigenlijk tijdens De Witte Woede?”, geheid dat je prachtige verhalen hoort over de acties, over de profilering en positionering van je beroep. Over hoe we de werkgevers, politici en vakbonden op de knieën kregen. En ik hoop dat je je dan bewust wordt van je macht. Vecht voor je vak!

    Wil je reageren? Dat kan op onze facebookpagina: www.facebook.com/metzorg

    ___________________

    Januari 2014
    Prakkeserend verpleegkundige

    Het voelt een beetje als een koude nieuwjaarsduik, want vanaf 1 januari 2014 mag ik officieel de titel van verpleegkundige niet meer dragen. Ik ben uit het BIG-register geschrapt, niet omdat ik een rekenfout heb gemaakt of mijn smartphone heb gebruikt zonder daarna mijn handen te wassen, maar omdat het ministerie van Volksgezondheidszorg vindt dat mijn houdbaarheidsdatum verlopen is.

    Ze hebben wel degelijk een punt, want ik ben al niet meer praktiserend sinds 1992, en ik mocht dus 21 jaar lang die mooie titel blijven dragen. 21 jaar, waarin ik me weliswaar onophoudelijk, ongevraagd en met passie met het beroep bemoeid heb, maar niet meer aan het bed stond. Ik heb er geen misbruik van gemaakt, niet gesuggereerd dat ik praktiserend was en er ook nooit mee gedreigd.

    In de tijd van de Witte Woede (VVIO 1988-1991) heb ik mij hard gemaakt voor een verplichte herregistratie en ik sta er nog steeds achter, het is volgens mij de enige manier om de kwaliteit van werkzame verpleegkundigen te borgen. Eindelijk is er dus nu een Cito-toets die je, om voor herregistratie in aanmerking te komen, moet maken als je minder dan een dag per week gedurende vijf jaar gewerkt hebt. Haal je de toets niet, dan kun je het nog proberen met een scholingstraject. De kans is groot dat we hiermee verpleegkundigen kwijtraken die hun vak echt niet bijhouden, en dat is helemaal niet erg.

    Maar die toets schijnt aan alle kanten te rammelen. Hoogleraar verplegingswetenschap en Chief Nursing Officer (CNO) Marieke Schuurmans (ze is belangrijkste adviseur van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport) noemt de toets niet betrouwbaar en valide. Eerder startte een verpleegkundige al een petitie om aandacht te vragen voor de “onduidelijke en oneerlijke” toetsingsprocedure. En dat zou dus kunnen betekenen dat we ook onterecht collega’s kunnen verliezen.

    Misschien ontstaat hierdoor wel een te kort aan praktiserende verpleegkundigen, waardoor we weer eens een mooie looneis kunnen formuleren. Maar meer waarschijnlijk is dat er dan als gevolg van het gerommel van de betrokkenen een generaal pardon komt voor alle niet praktiserend verpleegkundigen. En hoe gewenst dit ook zal zijn voor sommige verpleegkundigen, hierdoor worden we qua professionalisering weer jaren teruggeworpen.

    Ondertussen kan ik maar niet wennen aan mijn nieuwe titel: Verpleegkundige (niet praktiserend). Zo zou mijn CV nog eens interessant kunnen worden, ik ben namelijk naast Verpleegkundige (niet praktiserend) ook Onderwaterlasser (niet praktiserend), Voorproever (niet praktiserend), Gelukskoekjesschrijver (niet praktiserend), Ademgeur-evalueerder (niet praktiserend). De afkorting N.P. went al helemaal niet, verwijst het naar: Niet Parkeren/Niet Plassen/Niet Paraat of naar de NobelPrijs?

    Voortaan zet ik een P achter mijn titel: Verpleegkundige P, van Prakkeserend.

    ——————————

    Marcellino heeft ook blogs geschreven voor Nursing, die kun je hier lezen >>